piekeren

Herkent u deze ook?

Je schrikt 's morgens vroeg wakker om wat voor reden dan ook, b.v. dat de kat naar je tenen springt of dat je naar de w.c. moet. Je ziet dat je nog een paar uur kunt slapen en dus ga je daar eens lekker voor liggen. En dan begint het in je hoofd te spoken:
Welke dag is het? Oh woensdag, dus dan staat er het volgende op het programma ...
En ik moet niet vergeten..., en morgens moet ik ..., en wat zal ik doen met ...
En voor dat je het weet lig je te piekeren en tollen de gedachten door je hoofd en kun je de laatste uurtjes slaap wel vergeten.

Hersenen zijn bedoeld om te denken. Dit vermogen heeft ons veel gebracht en gemaakt tot wat we nu zijn. We kunnen met onze hersenen heel gericht plannen maken of een probleem oplossen. We vergaren in het leven met onze hersenen heel wat kennis, dat min of meer voor ons voor het grijpen ligt. Wat onze hersenen precies allemaal kunnen, daar zijn zelfs de grootste geleerden nog niet helemaal uit. Onze hersenen produceren echter ook de hele dag gedachten die we eigenlijk niet echt nodig hebben. Dit gaat door middel van associatie. We vallen van de ene gedachte in de andere. Het gaat maar door. Gelukkig hebben we dat meestal niet in de gaten, maar op de momenten zoals boven geschetst worden we er keihard mee geconfronteerd. We hebben er meer last van naarmate de gedachten een dwingend karakter krijgen.

Kijk maar eens naar de gedachten die ik hierboven heb beschreven. Het is allemaal ¨moeten¨. Het lijkt wel of er strenge schoolmeester in ons hoofd zit die de hele dag roept dat we van alles moeten. Het voelt heel belangrijk dat we deze schoolmeester te vriend houden en precies doen wat hij zegt. Het lijkt ook wel of hij nooit tevreden is en steeds weer iets nieuws van ons wil en soms worden we hier zo moe van!
Zo'n strenge schoolmeester wordt in de Gestalttheorie de top-dog genoemd. Deze top-dog bouwen we op aan de hand van onze ervaringen als kind.

Het komt maar zelden voor dat een kind in een ideale situatie groot wordt. Er hapert bijna altijd wel wat aan. Hoe zeer ouders ook hun best doen om kinderen goed op te voeden, ze laten wel eens een steekje vallen of als de ouders het goed doen dan komt het kind in zijn omgeving, b.v. op school iemand tegen die hem pijn doet.
Als kind kun je hier vaak niet tegenop en moet je een ¨overlevingsstrategie¨ bedenken om ermee om te gaan. Het werkt meestal goed om deze volwassene vast voor te zijn en te doen wat hij of zij van je wil voordat het je bevolen is.
Zo ¨interneer¨je deze figuur in je hoofd en bedenkt je zelf vast wat er van je verwacht wordt. Dit hele gebeuren doen we vaak onbewust en dus blijven we het ook doen als we zelf volwassen zijn. Het kan zijn dat we dit een goede stimulans voor ons is om onze plicht te doen, maar we kunnen hier ook last van krijgen.

Hoe kunnen we hiermee omgaan?

Op de eerste plaats is het goed om ons bewust te worden van onze ¨interne dialoog¨. Wat zeggen we voortdurend tegen onszelf. Dan zijn we in staat op andere gedachten te komen en wat vriendelijker voor ons zelf te zijn. In Gestalttermen: om hier de underdog tegenover te stellen, dwz bij je oorspronkelijke gevoel te komen en te ontdekken wat jíj voelt en wilt.
Soms lukt je dat niet alleen en heb je hierbij hulp nodig van een Gestalttherapeut.
Het mooiste zou zijn als we onze gedachtenmolen konden stilzetten. Meditatie is hier een goed hulpmiddel voor. Door concentratie op één punt, b.v. de ademhaling krijgen de gedachten minder kracht of kun je ze na goede oefening weg laten vallen. Er ontstaat dan een weldadige rust en ruimte in je hoofd.

wilma goossens






Copyright © SPH Artemis